Een duur en weinig flexibel systeem als het ging om het snel lanceren van kleine websites. Het vormde de uiteindelijke aanzet tot de introductie van Drupal binnen DICTU. Nu, bijna twintig jaar later, blikken we terug met Donraadt, inmiddels programmamanager bij de overheidsdienst.
Penibel
“De situatie was op dat moment wat penibel”, herinnert Donraadt zich nog. “De externe projectmanager was overspannen naar huis. Ik zag een enorme worsteling. Met name met hoe je vanuit databases en dossiers toe moet naar websitepublicatie. Door mijn ervaring in de uitgeefwereld (Reed-Elsevier, red.) wist ik wel wat er te koop was op de markt. Er waren veel grote CMS-systemen, maar die waren duur en log. Zeker voor wat ik nodig had.”
Dan op bijna verontschuldigende toon: “Hoewel geld bij de overheid vaak niet het grootste struikelblok is, vormde de technologie zelf een enorme barrière. Het was te moeilijk en te complex. Een release kon anderhalf tot twee jaar duren en het kostte soms een heel dramaweekend van twee dagen om het überhaupt in de lucht te krijgen."
Snel en eenvoudig
Donraadt wist wat hij wilde. “Hoe kan ik snel en eenvoudig websites realiseren? Daarnaast wil ik liever niet vastzitten aan een leverancier waar ik over drie jaar weer een nieuw contract mee moet afsluiten. Weer een nieuwe aanbesteding. Geen pretje binnen de overheid,” lacht Donraadt. Een verstikkende vendor lock-in was niet waar hij op zat te wachten.
Doorbraak met Drupal
De ommekeer kwam rond 2011. Hoewel Donraadt Drupal destijds nauwelijks kende, zag hij de kracht van de open source-community. "Het idee dat er duizenden modules gratis beschikbaar waren en dat de hele wereld meebouwde, was mind-blowing," aldus Donraadt.
“Ik ontdekte dat open source al zo rijp en doorontwikkeld was dat bijvoorbeeld de Amerikaanse overheid al diverse overheidswebsites in Drupal gebouwd had”. Toch bleef hij enigszins sceptisch. In zijn achterhoofd knaagde het volgende: “We hebben de mankracht niet (Donraadt vormde in zijn eentje de afdeling, red.) om ons erin te verdiepen, het te implementeren en te beheren. Ik wil gewoon een bedrijf die dat voor ons doet. En ja, dan kun je nog roepen: ‘dit is open source!’, maar dan wordt het bijna closed source, want dan zit er toch weer een bedrijf tussen met een contract.”
Maar er kwam een doorbraak. De eerste stap werd gezet via een aanbesteding voor een kleine, simpele website. Sogeti won deze met een voorstel in Drupal. De implementatie ging soepel en meer websites volgden.
Webtoegankelijkheid
De Drupal-websites van DICTU voldeden allemaal aan de webrichtlijnen. Iets wat in 2012 niet van iedere overheidswebsite gesteld kon worden. Er kwam dan ook een harde deadline: vanaf 31 december 2012 moesten alle overheidswebsites voldoen aan de webrichtlijnen. “Voor ons geen probleem”, zegt Donraadt zonder aarzeling. “Onze websites voldeden tenslotte allemaal. Maar bij diverse ministeries was er een lichte paniek. Ze kregen van hun leveranciers te horen dat het wel een jaar zou kosten voordat hun systeem kon voldoen aan de vereisten van webtoegankelijkheid. Men was naarstig op zoek naar een oplossing.”
Donraadt besloot zijn inzichten te delen. “Valentijnsdag 2013 hielden Sogeti, Edo Plantinga (ministerie van Binnenlandse Zaken, red.) en ik een bijeenkomst om Drupal te promoten voor de overheid. We rekenden op 80 personen, er kwamen er 142!” Het eenvoudiger kunnen voldoen aan de webrichtlijnen leidde tot een hausse aan aanvragen: ‘Wij willen ook zo’n website!’.
Het multisite-concept
Er bleven maar opdrachten komen. Dat was het moment waarop Sogeti bij Donraadt aangaf dat in plaats van website nummer twintig en dertig te bouwen, ze voor DICTU het multisite-concept wilden ontwikkelen: een basiswebsite met standaard modules, snel in elkaar te klikken met alle elementen: Rijkshuisstijl, webrichtlijnen etc. Donraadt zag hoe in de middag begonnen werd met de bouw van de website ‘Drupal Overheid’ en in het begin van de avond stond deze er. Via het multisite-concept en met een resultaat zoals hij het wilde. Donraadt: “Het was geen complex project meer met offertes, maar een staande dienstverlening."
Community-gedachte
Het delen van het multisite-concept past volgens Donraadt geheel in de community-gedachte van Drupal: ‘delen wat je hebt bedacht’. “Andere partijen worstelden allemaal met de webrichtlijnen van de overheid. Het multisite-concept bood een goede basis voor toegankelijkheid. Dit concept deelden we met de community.”
Voor Donraadt heeft Drupal bewezen dat het open source pakket minimaal gelijkwaardig en soms zelfs beter is dan de commerciële pakketten. “Drupal is technisch stabiel, gebruikersvriendelijk en snel bij het doorvoeren van aanpassingen. Het voldeed aan alles.” (Meer over hoe Drupal werkt voor de overheid lees je in het artikel ‘Drupal in de praktijk: Overheid’)
Van ‘one-man show’naar 90 man
Hoewel Donraadt jarenlang als een soort 'one-man show' binnen DICTU opereerde – gesteund door een management dat hem de ruimte gaf zolang de klanten tevreden waren – groeide het multisite-concept sneller dan iemand had kunnen voorspellen. Vandaag de dag is de afdeling gegroeid naar een team van ongeveer 90 mensen die meer dan 110 websites beheren.
Winnaar Splash Award
Onlangs is het multisite-concept vervangen door de Generieke Basis Website. Eveneens gebouwd in Drupal. Afgelopen jaar won DICTU met de Generieke Basis Website de Splash Award voor de categorie Overheid.
Donraadt is inmiddels 61 en blikt met trots terug op dit succes. Hoewel hij zich nu richt op nieuwe Europese uitdagingen, blijft de overstap naar Drupal een van zijn belangrijkste wapenfeiten bij de overheid.
"Het ging niet om de techniek alleen; het ging om de mindset. Van het inkopen van logge pakketten naar het zelf bouwen en beheren van open source oplossingen," besluit hij. "Dat we daarmee de digitale toegankelijkheid en standaarden naar een automatisme hebben gebracht, daar kijk ik met heel veel plezier op terug."